5A - juf Aranka
 
(Advertentie)
(Advertentie)

In het verhaal van de uittocht lezen we hoe Mozes God ontmoette in een brandende braamstruik.
Hij voelde de aanwezigheid van God in het vuur.
God riep hem om terug te gaan naar Egypte en de slaven uit de greep van de farao te bevrijden.
Bij elke viering wordt ook de paaskaars ontstoken. 

Nog steeds symboliseert het vuur de aanwezigheid van God in de kerk. Het vuur blijft brandende in de godslamp bij het tabernakel.
Vaak branden mensen ook kaarsjes bij een Mariabeeld, een kruisbeeld of bij een foto van een overledene om hun verbondenheid met Maria, met Jezus of die overledene te tonen.

Ook de Joden hebben een verhaal in hun geloofsboek waar vuur symbool staat voor kracht.
Het verhaal gaat over Jesaja:

Ik zag de Heer zitten op een hoge troon.
De sleep van Zijn mantel vulde de hele tempel. Boven Hem zweefden serafs, een soort van engelen bij de Joden.
Ze riepen elkaar toe: ‘Heilig, heilig is de Heer van de machten, heel de aarde is gevuld van Zijn heerlijkheid’.
De tempel trilde van het gezang en stond vol rook.
Ik weende: ‘Ik ben verloren! Ik woon onder een volk met onreine lippen, en ook ik heb met mijn mond gezondigd. Nu sta ik hier voor de koning, voor de Heer van de machten.’
Eén van de serafs nam met een tang een gloeiende  kool van het altaar en raakte daarmee mijn lippen aan.
“Nu zijn jouw lippen gezuiverd door het vuur. Jesaja, jouw zonde zijn vergeven."
Toen hoorde ik de Heer vragen: ‘Wie zal ik naar het volk zenden?’
‘Zend mij maar’, antwoordde ik.
‘Ga’, zei Hij.  

(Advertentie)
(Advertentie)
(Advertentie)

Bij de Hindoes neemt vuur een belangrijke plaats in, maar heeft vuur twee gezichten.

Enerzijds gelooft men dat het aansteken van vuur zorgt voor het verdrijven van de duisternis. Slechte geesten blijven op afstand en het beschermt de mensen tegen ziektes.
Ieder gezin heeft een thuisaltaar waar een heilig vuur wordt aangestoken.
Op Divali viert men het feest van de overwinning van het licht over de duisternis. 

Anderzijds zorgt vuur ook vernietiging. De lijken van hindoes worden verbrand. Hindoes geloven dat het lichaam wel wordt verbrand, maar dat de ziel blijft voortleven om opnieuw geboren te worden. 

In onze Westerse cultuur zie je ook vaak dat vuur een symbolische betekenis heeft.


Denk maar aan de vlam bij de Olympische Spelen.
Voor de Olympische Spelen beginnen, wordt de olympische vlam ontstoken in de tempel van Hera, in Griekenland. Via een estafetteloop wordt de vlam door verschillende landen gedragen tot in het stadion van de Olympische Spelen.
Met die vlam wordt het Olympisch vuur aangestoken tijdens de openingsceremonie. De olympische vlam symboliseert de verbondenheid tussen de mensen en landen.

Ook met de Winterspelen van 2018 in Zuid-Korea werd deze vlam ontstoken. 

Ook zeer typisch voor onze cultuur zijn het ontsteken van kaarsjes op een verjaardagstaart.  Het aantal kaarsjes stelt de leeftijd van de jarige voor. Als de jarige zijn kaarsjes in één keer kan uitblazen, mag hij een wens doen. Maar wel liefst in stilte, anders komt de wens niet uit.
Maar wie een kasteel wenst of een reis naar de maan, zal ook lang mogen wachten op de vervulling. 

(Advertentie)